U2

Gepassioneerde Ierse rockformatie die, in 1978 te Dublin (Ierland) wordt opgericht en aanvankelijk Feedback hete. De toekomstige U2-leden Bono (Paul Hewson), The Edge (Dave Evans), Adam Clayton en Larry Mullen Jr. ontmoeten elkaar op de eerste experimentele school in de Ierse hoofdstad. Ze trekken in hun jeugd veel op met hun boezemvrienden, die later onder de naam Virgin Prunes geruime tijd hun extravagante, heftig experimenterende tegenpool zijn. Met de punkgolf welt U2 omhoog, maar haar muziek is anders: panoramische rock vol galm en passie; krachtig, strijdbaar, spiritueel. Na enkele voorbereidende hitsingles (Out Of Control, 11 O’Clock Tick Tock, A Day Without Me) verschijnt in het najaar van 1980 “BOY”, een plaat van een zeldzame impact, krachtig in zijn ontroering en bol van het natuurlijk zelfvertrouwen.

Geleid door het succes van deze plaat groeit de groep internationaal al snel uit tot een bühne-act van formaat, zoals het sprankelende optreden op Pinkpop ’81 aantoont. Na een eerste Amerikaanse tournee wordt tijdens de herfst van 1981 “OCTOBER” uitgebracht, een plaat die stemmiger en spiritueler klinkt dan zijn voorganger. In vrijwel alle nummers worden twijfel en onzekerheid geuit, maar nergens vervallen Bono en de zijnen in pessimisme. Hoop overheerst alom. Die wordt vervolgens uitgebreid de wereld rondgedeeld middels intensief toeren.

Begin ’83 verschijnt “WAR”. De sfeer op het net als “BOY” en “OCTOBER” door Steve Lillywhite geproduceerde album is bij vlagen onheilspellend en Bono klinkt zo nu en dan wanhopig, maar het begrip overgave staat centraal. Ook bij de Amerikanen, die van New Year’s Day een eerste Top 50-hit maken en “WAR” met goud bekronen. Een nieuwe Amerikaanse tournee volgt; in Europa doet de groep een aantal grote festival-optredens. Met het eind ’83 uitgebrachte “UNDER A BLOOD RED SKY” moeten alle nog resterende twijfelaars over de streep worden getrokken. Het is zowel een verzamel- als een mini-live-plaat, met o.a. nog niet eerder op album verschenen materiaal, en aanzienlijk meer dan een concertsouvenir voor U2-fans, want het is de meest dynamische en ongepolijste U2-plaat tot dan toe.

Met het in september 1984 uitkomende “THE UNFORGETTABLE FIRE” wordt een nieuwe stap gezet. De plaat is ditmaal geproduceerd door Brian Eno en diens maatje Daniel Lanois. Een gouden greep. De plaat wordt door critici en het grote publiek juichend binnengehaald en gevolgd door “Wide Awake In America”, een Amerikaanse import-EP met vier tracks, waaronder nog niet eerder uitgebrachte live-uitvoeringen. De populariteit van het viertal is tot ongekende hoogten gestegen, zo blijkt als U2 voor de derde achtereenvolgende keer op het Torhout/Werchter-festival aantreedt en wel voor de somma van een slordige vijf ton.

Toch lijken geld en roem de artistieke drijfveren en pure passie van Bono en de zijnen niet aan te tasten. Met haar Mother-label probeert U2 jonge Ierse musici een kans te geven. De groep wordt gedreven door een onstuitbaar fanatisme, hetgeen op 13 juli 1985 in optima forma tot uiting komt op LIVE AID, waar U2 diepe indruk maakt. In mei 1986 vormt U2 de apotheose van het Self Aid-festival in Dublin, waar Ierse musici optreden ten bate van werkloze landgenoten. Een maand later onderbreekt de band haar werkzaamheden aan haar nieuwe album om met o.a. Peter Gabriel, Lou Reed, Sting en Bob Dylan te toeren. De opbrengst van deze Conspiracy Of Hope-toer door de Verenigde Staten gaat naar Amnesty International, die tevens haar ledental verdubbeld ziet.

Tijdens deze toer maakt Bono een uitstapje naar El Salvador en Nicaragua, waar hij kennismaakt met het andere Amerika en de gevolgen van de imperialistische politiek van de Verenigde Staten. Deze ervaringen verwoordt hij in het essay A Vision Of Two Americas en ze keren terug in twee nummers (Mothers Of The Disappeared en Bullet The Blue Sky) van “THE JOSHUA TREE”, dat in maart ’87 verschijnt en waarmee U2 onder regie van het geprolongeerde producersduo Eno en Lanois tot een voorlopig hoogtepunt komt: een plaat waarop nieuwe invloeden als blues en country doorklinken in het van “THE UNFORGETTABLE FIRE” bekende geluid en waarop U2 emotioneler klinkt dan ooit.

Somber van toon en door de politieke en sociale stellingname is het gezien de status van de band bovendien een eerlijke en moedige plaat. Het album breekt in een groot aantal landen verkooprecords en eind april verschijnt U2 op de cover van het gezaghebbende Amerikaanse blad Time, het grootste eerbetoon dat een popgroep in de Verenigde Staten kan krijgen. In Nederland is “THE JOSHUA TREE” reeds na twee dagen goud en spelen zich hectische taferelen af bij de voorverkoop van de Nederlandse concerten van de wereldtournee, die in april in de Verenigde Staten start en U2 in juli tweemaal in de Rotterdamse Kuip brengt.

Van deze wereldtournee, die 110 optredens omvat, worden plaat- en filmopnamen gemaakt. Een gedeelte van de plaatopnamen verschijnt op het prachtige, documentaire-achtige “RATTLE AND HUM” dat najaar ’88 verschijnt en op zijn beurt de verkooprecords van “THE JOSHUA TREE” weer overtreft. Verder bestaat “RATTLE AND HUM” uit nieuwe opnamen die deels in de Sun-studio in Memphis zijn opgenomen tijdens de tournee, die voor de groep tevens een soort pelgrimstocht is naar de wortels van de Amerikaanse muziek.

Tijdens de Sun-sessie wordt ook Jesus Christ opgenomen, een Guthrie-nummer dat bestemd is voor het prestigieuze verzamelalbum Folkways: A Vision Shared/A Tribute To Woody Guthrie And Leadbelly. Al eerder is de groep te horen op de eerste soloplaat van ex “The Band”-leider Robbie Robertson. U2 werkt samen met Bob Dylan en bluesgigant B.B. King, met wie de groep een van haar vele hits scoort (When Loves Come To Town). De band moet echter ook tegenslagen incasseren. Door personele problemen komt het Mother-label niet echt van de grond en na aanhoudende kritiek stappen drie U2-leden uit de firma, die met haar singlepolitiek geen successen heeft.

De laatste maanden van 1989 staan in het teken van een toer die U2 onderneemt met B.B. King als speciale gast, waarbij eind december ook het Amsterdamse RAI-congrescentrum wordt aangedaan. U2 luidt middels een in vele landen rechtstreeks op de radio uitgezonden optreden vanuit Dublin in de eerste uren van het nieuwe jaar energiek en met de nodige pathos de jaren negentig in.

Daarna laat U2, bang voor overkill, de eerste tijd niet veel van zich horen. Wel levert ze met Night And Day een track aan voor het Red Hot + Blue-project met covers van Cole Porter-songs, waarvan de opbrengst bestemd is voor AIDS-onderzoek. In november ’91 verschijnt het in Berlijn opgenomen “ACHTUNG BABY”, dat inslaat als een bom en door de invloed van Britse indie-dancemuziek in een aantal nummers voor U2’s doen ongebruikelijk groovy klinkt. De muziek wordt omschreven als unheimisch, gevaarlijk en chaotisch en de groep wordt alom geprezen om haar moed tot verandering. Het engagement is verdwenen, maar de passie is gebleven op een veelzijdige en krachtige plaat.

In februari ’92 begint U2 in de Verenigde Staten aan de uitgebreide Zoo TV Tour, die een rigoureuze breuk betekent met het podiumverleden van de vier Ieren. De band maakt op fantasierijke manier gebruik van de moderne elektronica, waaronder vidi-walls, zo blijkt ook als U2 op de Europese tak van de tournee Ahoy’ aandoet. Het regent open doekjes voor het multimedia-spektakel. Bono ontpopt zich als het middelpunt, geeft commentaar op tv-beelden en steekt de draak met het fenomeen rock & roll-ster. De niet van ironie gespeende band toont humor.

Het weer uitgebreid toeren legt U2 geen windeieren. In de Verenigde Staten is de kostbare Zoo TV Tour met een opbrengst van bijna 68 miljoen dollar de meest succesvolle tournee van ’92. Multimiljonairs of niet, U2 blijft zich bekommeren om wereldproblemen. In juni ’92 zet de band zich in om de Britse bevolking te attenderen op de radio-activiteit verspreidende atoomfabriek in het Engelse Sellafield. In januari ’93 nemen Bono en The Edge deel aan een anti fascisme-demonstratie in Hamburg. Bono toont zijn betrokkenheid bij het Duitse vreemdelingenprobleem tijdens concerten in Duitsland in de zomer van ’93. In Frankrijk probeert hij tijdens de telefoongesprekken, waarmee hij de U2-shows opluistert, in contact te treden met Jean-Marie Le Pen van het Front National. Die Zooropa ’93-toer start in Rotterdam; in mei geeft de band in De Kuip drie shows, die worden beschreven als een audiovisuele hersenspoeling.

Zomer ’93 verschijnt “ZOOROPA”, een fragmentarische plaat met excentrieke trekjes. De plaat, waarop U2 invloeden van o.a. David Bowie en sf/cyberpunk-schrijver William Gibson verwerkt, kent onder meer een merkwaardig praatstuk van The Edge, uitgekiende dancetracks, een soulballad en een soort synthicountry-nummer. Als glorieuze afsluiter is country & western-coryfee Johnny Cash te gast. Begin augustus staat U2 in Nijmegen, waar ze twee nieuwe nummers in haar show integreert en Bono een vergeefse poging doet om CD-voorman Janmaat aan de telefoon te krijgen. De Zooropa-tournee wordt in december 1993 in Tokyo afgesloten.

De band lanceert in de Verenigde Staten via MTV zijn eigen multimedia-tv-serie, Zoo TV, een mix van muziek, thuiswinkelen en interactieve activiteiten. In hun anderhalve sabbatsjaar zitten de U2-leden niet stil. Bono co-componeert en zingt deels drie nummers van de soundtrack voor de film In The Name Of The Father, waaronder de titeltrack. Hij schrijft ook het scenario voor The Million Dollar Hotel, een film die geregisseerd wordt door Wim Wenders. Drummer Larry Mullen maakt zich verdienstelijk bij opnamen van Emmylou Harris. De gehele groep is te horen op de soundtrack van de film Batman Forever met de hit Hold Me, Thrill Me, Kiss Me, Kill Me. Samen met Sinéad O’Connor schrijft Bono een nummer voor de nieuwe Wim Wenders-film The End Of Violence en ook is hij van de partij op The Songs Of Jimmie Rodgers, een compilatie met covers van deze vooroorlogse country-zanger.

Eind 1995 verschijnt “ORIGINAL SOUNDTRACKS 1”, een onder de naam Passengers uitgebracht gelegenheidsproject van U2 en Brian Eno, met gastbijdragen van Luciano Pavarotti, DJ Howie B en de Japanse zanger Holi. De van deze plaat afkomstige single Miss Sarajevo (met Pavarotti) wordt een hit. Mullen en Clayton werken vervolgens samen aan de soundtrack voor de film Mission Impossible, die in de zomer van 1996 verschijnt. In het voorjaar van ’97 verschijnt het album “POP”. In een aantal songs werkt de groep met eigentijdse dance-ritmes en computer-samples, zoals bijvoorbeeld op Discotheque, de eerste single van het album. Op de bijbehorende videoclip zien wij het viertal uitgedost als The Village People. De Pop Mart-tournee gaat op 24 april van dat jaar van start in Las Vegas. Toepasselijk, omdat de show één grote knipoog is naar de Amerikaanse wegwerpmaatschappij.

Een gigantische MacDonalds-achtige puntboog, een reusachtige citroen die tevens als disco-bal fungeert en het grootste videoscherm ter wereld dragen bij tot optimaal stadiongenot. De Europese poot van de tournee gaat op 18 juli in Rotterdam van start met twee achtereenvolgende Kuip-concerten, die ook worden vastgelegd voor tv. De muziekpers reageert voorzichtig positief op U2’s flirt met de dansmuziek, maar het publiek haakt massaal af. De plaatverkoop valt zozeer tegen dat de Britse vestiging van platenmaatschappij Island zestien medewerkers moet ontslaan. Diverse concerten moeten worden afgezegd wegens gebrek aan belangstelling. Daar tegenover staat dat de groep met veel succes voor het eerst een stadionconcert doet in Dublin. Vlak voordat U2 eind augustus haar tournee afsluit met enkele concerten in het Londense Wembley stadion, geeft Bono toe dat de tour een flop is. Hij verklaart dat dit laatste keer is dat de groep zo’n grootschalige tour onderneemt; in de toekomst wil men zich toeleggen op het maken van ‘buitengewone albums’ en af en toe wat kleinschalige concerten doen.