Echo & the Bunnymen

Een van de belangrijkste vertegenwoordigers van de zgn. nieuwe merseybeat, de tweede golf uit Liverpool. Geïnspireerd door de nieuwe ideeën van de punk besluiten Ian McCulloch en Will Sergeant in de zomer van ’78 samen muziek te gaan maken. Eerder zit McCulloch in The Crucial Three, een soort schrijverscollectief waaruit ook The Teardrop Explodes en WAH! voortkomen. Drie dagen voor het eerste optreden in de plaatselijke club “Eric’s” (als voorprogramma van The Teardrop Explodes) voegt Pattinson zich bij de groep. Het drietal werkt dan nog zonder drummer, hun drummachine ‘Echo’ verleent de groep mede haar naam. In deze bezetting wordt de eerste single Pictures On My Wall voor het plaatselijke Zoo-label opgenomen. De drummachine “Echo” ruimt het veld voor Pete De Freitas en zomer ’80 verschijnt het debuutalbum CROCODILES” op Korova, een nieuw label van de Warner Brothers-gigant dat jong Engels talent aan zich moet binden.

“CROCODILES” maakt een overweldigende indruk: McCullochs gekwelde vocalen in de traditie van Jim Morrison verlenen de toch al sterk aan Joy Division en Talking Heads verwante muziek een beklemmend karakter. Teksten over verloren idealen en gedeukte illusies, alsmede de licht naar psychedelica tenderende geluidseffecten geven de groep het imago van de Nieuwe Zoekers.

Eind ’80 toert de groep uitgebreid met een aan de film Apocalypse Now ontleend decor: gekleed in legeruitmonstering spelen The Bunnymen onder een groot camouflagenet dat tezamen met de spookachtige belichting de diabolische trekken van de muziek naar voren haalt. Van de toer wordt een korte film gemaakt: Shine So Hard, een artistieke flop volgens de groep. De gelijknamige soundtrack, een 12 inch EP, haalt de Engelse hitlijsten. Voorjaar ’81 toeren de Bunnymen met succes door de Verenigde Staten, waar ze als de artistieke erflater van The Doors en The Velvet Underground worden beschouwd. “CROCODILES” wordt in de Verenigde Staten in een licht gewijzigde versie (met de single Do It Clean, een outtake van de Engelse release) uitgebracht. Het tweede album “HEAVEN UP HERE” laat anders dan “CROCODILES” minder compacte songs horen en leunt meer op atmosfeer.

Couteau Twins Is “CROCODILES” een broeierige nachtplaat, “HEAVEN UP HERE” ademt de atmosfeer van een verlaten strand en is qua stemming sterk verwant aan de Engelse natuurpoëzie van Wordsworth, Keats en Coleridge. Zomer ’82 verschijnt de prachtige single Back Of Love, die ook is te vinden op het derde album “PORCUPINE”. De plaat wordt met gemengde gevoelens ontvangen. Ze laat een vernieuwd geluid horen, waarin McCullochs hartsklachten gezelschap hebben gekregen van een aan Indiase muziek herinnerende orkestratie. De single The Cutter wordt een Engelse hit. Na een relatief stille periode wordt in mei ’84 het album “OCEAN RAIN” uitgebracht. De plaat klinkt als een nauwelijks meer van authentiek te onderscheiden psychedelische muziektrip. Met het nummer Seven Seas en een opvallende videoclip speelt de groep zich in de kijker van een wat groter publiek en de voornamelijk Britse hitlijsten.

Eind ’85 geeft de voltallige band een mager optreden op het Pandora’s Music Box-festival in Rotterdam: mat, inspiratieloos, zonder nieuw songmateriaal, maar wel met uitgemolken Bob Dylan- en Doors-covers. Men lijkt in een creatieve impasse te verkeren, een veronderstelling die verder voedsel krijgt als het lange tijd erg stil blijft rond de groep. Medio ’87 komen Echo & The Bunnymen echter sterk terug: een van de hoofdacts op Pinkpop en eindelijk een nieuw album, “ECHO & THE BUNNYMEN”. De plaat betekent een terugkeer naar de beginperiode van hun carrière: compacte, strakke, en merendeels uptempo songs zonder een spoor van de hemelsbrede psychedelische arrangementen van voorganger “OCEAN RAIN”.

Couteau Twins De uitgekiende melange van gitaren, toetsen en percussie vormt nauwkeurig aangelegde spanningsvelden, de melodieën en de songs zijn ongekend strak. Vooral dit laatste maakt “ECHO & THE BUNNYMEN” tot de meest consistente en rechtlijnige plaat uit de carrière van de groep, en daar veranderen zelfs de als altijd incoherente en pretentieuze teksten van McCulloch niets aan. De groep is populairder dan ooit en waagt zich eind ’87 zelfs aan een toer door de Verenigde Staten. Daar stapt McCulloch echter van het podium af, ongelukkigerwijs een betonnen orkestbak in. Een jaar later verlaat hij officieel de groep om zich te bezinnen op een solocarrière. Over een mogelijke opvolger en de algehele toekomst van de Bunnymen raken de achterblijvers het vooralsnog niet eens, een situatie die extra onzeker wordt als in juni ’89 drumer “Pete De Freitas” bij een frontale botsing onverwachts om het leven komt.